In de Salt Boekenclub lezen we samen boeken. Boeken waar avontuur de rode draad is. Leden sturen boeken naar elkaar door. Van wat ze gelezen hebben, schrijven ze een review. Ook delen ze hun boekentips. Zo blijft de hele Salt community op de hoogte van interessant leesvoer. Dit is wat er onlangs is gelezen.

Boek Darwin in de Achtertuin ****
Auteur Menno Schilthuizen
Uitvoering Paperback | € 24,99
Op de flap Een pleidooi voor het behouden van biodiversiteit vol tips en tools om als amateur-wetenschapper de stad te verkennen en de ecosystemen om je heen beter te begrijpen.
In iedere stedeling schuilt een bioloog. Dat is de boodschap van Menno Schilthuizen, die je met dit boek uitnodigt om op ontdekkingsreis te gaan in je eigen stadse omgeving. We hebben tegenwoordig allemaal de nieuwste wetenschappelijke technologieën binnen handbereik. Dus gebruik bijvoorbeeld je smartphone als microscoop om de zeldzame metselbij te bestuderen, die haar nest bouwt in lege slakkenhuizen.
Schilthuizen schreef een wervelend betoog voor elke natuurliefhebber in een tijd waarin de meeste mensen leven in een betonnen jungle en zelden verder komen dan het stadspark. Want wie de ecosystemen om zich heen begrijpt, zet een belangrijke stap in een van de grootste uitdagingen van dit moment: het behouden van biodiversiteit.
Het oordeel over het boek Darwin in de Achtertuin
Verwacht geen stap-voor-stap handleiding voor het doen van onderzoek in je eigen achtertuin, want dat is dit boek niet. Misschien moest ik er daarom een beetje inkomen, want dat had ik eerlijk gezegd verwacht op basis van de tekst op de achterflap en de titel van het boek.
Toen ik mijn eigen verwachtingspatroon opzij had gezet, kon ik het boek lezen voor wat het is: één brok inspiratie. Menno Schilthuizen laat bijvoorbeeld zien hoe buurtbewoners erin zijn geslaagd om een stuk ‘niemandsland’ van bebouwing te redden, door de biodiversiteit in kaart te brengen met simpele middelen. Waarbij ze en passant niet alleen verbinding met de lokale natuur, maar ook met elkaar opbouwden.
Het hele boek staat vol met dit soort verhalen van over de hele wereld, waarbij burgerwetenschappers met simpele middelen en veel enthousiasme een nieuwe blik op hun omgeving kregen. Vanuit het doel om onderzoekers te helpen, actie te voeren, of gewoon uit nieuwsgierigheid.
De schrijver is bij veel van die onderzoeken aanwezig geweest en hij weet er enthousiast over te vertellen. Hierdoor heb ik het boek uiteindelijk met plezier gelezen. Nu nog die handleiding! – Wendy ****
Een flinke pil, dit boek van Menno Schilthuizen. Maar waar Darwin, evolutie en wetenschap in het algemeen taaie kost kan zijn, weet de schrijver er met begrijpelijke taal, aansprekende verhalen en praktische voorbeelden de vaart in te houden. Hij maakt inzichtelijk wat we kunnen leren van vroegere fysieke verzamelaars en huidige enthousiastelingen met camera en apps, die samen de basis vormen van onze kennis van flora en fauna. Confronterend zijn de vele voorbeelden van onze menselijke impact en technologische vooruitgang die, soms ook onbedoeld en/of onbewust, massaslachtingen aanrichten onder flora en fauna. Denk daarbij aan grasmaaiers, zonnepanelen, wegen, stadsverlichting en pesticiden.
Het boek is één groot pleidooi om het kind in ons wakker te schudden en met de onbevangenheid van toen én een schepnetje de achtertuin – of eigenlijk de stad – in te gaan om de wetenschap te dienen. Want, zo schrijft Menno, er is nog zoveel te ontdekken. Zo zijn er nog miljoenen schimmels, slakken en spinnen niet geïdentificeerd, ontstaan hele nieuwe, niet onderzochte biotopen tussen stoeptegels en in en op menselijk afval en moet de interactie van allerlei exoten met inheemse soorten in het ecosysteem nog onderzocht.
Hij houdt ons continu de spiegel voor: ‘We houden misschien van hommels, egels, vlinders en gierzwaluwen, maar in het ecosysteem van de stad zijn ze niet meer (of minder) waardevol dan paardebloemen, brandnetels, muggen, ratten, kakkerlakken en stadsduiven’. Menno pleit zelfs voor het behoud van het (stedelijk) ecosysteem als geheel, dus inclusief braakliggende stukjes, geïntroduceerde soorten en groene muren. Hij brengt het zeer overtuigend, maar zal nog veel buurtwetenschappers nodig hebben om ook de locale autoriteiten ervan te overtuigen.
Ik vond het soms wel even doorbijten met veel tekst en lange uitweidingen. Maar het boek was ook enorm leerzaam en een echte eye-opener, en de bevlogenheid en prettige schrijfstijl werken aanstekelijk. Het steunt me wel om in mijn eigen tuintje de natuur nog meer haar gang te laten gaan (tot groot verdriet van de aangeharkte gemeenschap hier). En ik hoop dat er heel veel mensen zijn als Menno en zijn ouders, aan wie hij het boek opdraagt: Ter nagedachtenis aan mijn vader en hoe we samen ontdekkingen en uitvindingen deden. Voor mijn moeder die ons lekker onze gang liet gaan’.
Kaplaarzen aan, schepnet mee en hup, de stad in! – Nicoliene ***1/2
Titels als ‘Wij zijn een knoop’, ‘Kreeften koken’, ‘Ingeblikte insecten’ en ‘Knutselen voor een knaak’ maakte mij nieuwsgierig toen ik het boek doorbladerde voor ik begon met lezen. Ik verwachtte niet zoveel van het boek, of eigenlijk wist ik niet zo goed wat ik verwachten moest. Maar leuk! Interessant! Verfrissend! En er gaat een wereld voor me open; de wereld van de burgerweterschapper.
Ik heb microbiologie gestudeerd en ben daarom bekend met apparaten als een electronenmicroscoop, een apparaat voor gel-elekroforese, een schudmachine of een spectrometer. Dat studeren en werken was jaren ’80 en ‘90, dus lang geleden en ik ken die apparaten alleen in een steriele laboratoriumomgeving. Ik ben verrast dat die apparaten nu voor de meesten goed betaalbaar zijn en dat je die in je eigen schuur kunt neerzetten en gebruiken.
Menno schrijft goed en interessant en ik bekijk de groene wereld in mijn directe omgeving echt anders dan vóór ik het boek las. Ergens halverwege het boek schrijft hij: “…het is belangrijk te beseffen dat onze impact op het milieu onomkeerbaar kan zijn, en dat pogingen om de schade ongedaan te maken op zichzelf weer schade kunnen veroorzaken.” Hm, zo had ik het nog helemaal niet bekeken. Een totaal nieuw inzicht.
Het nut van buurtwetenschap legt hij goed uit en hij merkt op dat daar vier dingen voor nodig zijn: toewijding, gemeenschap, nieuwsgierigheid en moed. Dit boek vol enthousiasme, zinvolle voorbeelden en kennis helpt daar zeker bij! – Irma ****
Voor wie Voor iedereen die nuttig gebruik wil maken van die interessante apps (Merlin Bird ID, Obsidentify en meer) én voor iedereen die een nieuwe blik op de eigen leefomgeving zoekt. Voor wie niet bang is voor kriebelbeestjes en vieze handen en graag met kinderlijke onbevangenheid op onderzoek uit gaat is dit boek een laatste duwtje. Voor (groot)ouders die hun kinderen liever zien ontdekken in het groen dan achter een scherm. Voor iedereen die meer wil begrijpen van de onmetelijke biodiversiteit en onze impact daarop (en mogelijk inventief genoeg is om in oplossingen te denken).
Leuk weetje De auteur is een bezige bij (pun intended). Naast zijn onderzoekswerk bij Naturalis en de Universiteit Leiden, is hij verbonden aan Biology on Tap (met biologische pubquiz). Ook kun je via zijn reisbureau met hem mee op wetenschappelijke expedities. En… een vuurvliegje is geen vlieg maar een kever.
Kijken Menno tipt meerdere apps en platforms. Een daarvan is Coursera, een internationaal platform waarop gratis cursussen worden aangeboden. Het aanbod is ongekend breed. Zijn zelf ontwikkelde cursus Evolution Today kun je er ook volgen. Overweeg je om ook burgerwetenschapper te worden? Kijk dan vooral eens op citizen science platforms, zoals dit over onderzoek in Amsterdam.